23
Dutch (Fach) / Welkom 1.4 (Lektion)
luisteren hebben zijn
Diese Lektion wurde von Johannahgd erstellt.
Diese Lektion ist leider nicht zum lernen freigegeben.
Anzeige
- listen (verb) luisteren
- luisteren (ik) ik luister
- luisteren (jij je u) jij je luistert
- luisteren (hij zij ze het ) hij zij ze het luistert
- luisteren (wij we) wij we luisteren
- luisteren (jullie) jullie luisteren
- luisteren (zij ze) zig ze luisteren
- have (verb) hebben
- hebben ik ik heb
- hebben jij je jij je hebt
- Anzeige
- hebben u u hebt / heeft
- hebben hij zij ze het hij zij ze het heeft
- hebben wij we wij we hebben
- hebben jullie jullie hebben
- hebben zij ze zij ze hebben
- to be (verb) zijn
- zijn ik ik ben
- zijn jij je jij je bent
- zijn u u bent
- zijn hij zij ze het hij zij ze het is
- zijn wij we wij we zijn
- zijn jullie jullie zijn
- zijn zij ze zij ze zijn